Meditations about identity
In Mad Men (seizoen 2 afl 1) leest Don Draper, de geniale reclameman, uit de gedichtenbundel ‘Meditations in an Emergency’, van Frank O’Hara.

Don Draper leest Frank O'Hara
Het is gemakkelijk om net zo verslaafd te raken aan deze serie als aan bijvoorbeeld de Sopranos. Mad Men is nu net op de Nederlandse televisie, maar in de VS zijn ze naar verluid al bezig met seizoen 3. De aantrekkelijkheid van deze serie zit onder andere in het geweldige acteerwerk, de goede psychologie, een diepe melancholie die het harde reclamevak doorsijpelt en veel, heel veel heimwee naar de periode van net na WOII.
Ook het gedicht van Frank O’Hara kan niet anders dan stammen uit deze periode. Dat wordt meteen duidelijk door de beginzin:
Now I am quietly waiting
for the catastrophe of my personality
to seem beautiful again,
and interesting, and modern.
Dat laatste woordje ‘modern’ wordt in deze betekenis tegenwoordig niet meer gebruikt. Ik bedoel in de zin dat je er trots op kunt zijn om modern genoemd te worden. We gebruiken het woord modern nu veel meer als een neutrale aanduiding van onze huidige tijd, maar ik maak niet meer mee dat het trots gebruikt wordt: kijk ons eens modern zijn.
Het lezen van zo’n gedicht laat je dus meteen een vleugje van een andere tijd voelen. Het gedicht eindigt met:
It may be the coldest day of
the year, what does he think of
that? I mean, what do I? And if I do,
perhaps I am myself again.
Deze laatste regel ‘perhaps I am myself again’ trof me in het bijzonder.
Wat betekent dat eigenlijk, dat iets gedurende een bepaalde tijd bestaat, zolang van zichzelf zegt een bepaalde identiteit te hebben? Hoe is het überhaupt mogelijk om van iets te zeggen dat het een identiteit heeft? Als is immers voortdurend in verandering? Ons lichaam vervangt de cellen voortdurend, onze persoonlijkheid ontwikkelt zich door alle conflicten heen en soms verandert het zelfs dramatisch als gevolg van een ongeluk of een tumor. ‘Now I am quietly waiting for the catastrophe of my personality to seem beautiful again, and interesting, and modern.’ Als zelfs ons lijf en onze geest maar heel moeilijk te beschrijven zijn als een identiteit, hoe moet dat dan met een bedrijf als een school, of de kunstacademie van Kampen, vooral nu die verhuisd is naar Zwolle, of zoiets nieuws en groots als ArtEZ hogeschool voor de kunsten, waarin voortdurend nieuwe docenten werken aan nieuwe afdelingen en oude personeelsleden met pensioen gaan. Wat is dat dan, identiteit?
Volgens sommige schrijvers is identiteit inderdaad een fictie, iets wat we bewust met wilskracht toeschrijven aan iets: aan onszelf, aan andere mensen, aan een bedrijf, een opleiding, een traditie. Dat lijkt een acceptabele beschrijving van identiteit, maar dat roept weer andere problemen op, niet in het minst het probleem dat ik mijzelf wel degelijk als een identiteit beschouw, ondanks het overduidelijke feit dat ik waarschijnlijk niet herkend zou worden als dezelfde door mijn jongere ik van zeg maar 10 jaar. Ook in de discussies van de afgelopen 8 jaar binnen ArtEZ over de identiteit van de drie kunstacademies (de CABK van Kampen/Zwolle, de AKI in Enschede en de Academie Arnhem) bleek dat het enerzijds niet makkelijk is de identiteit te beschrijven, maar dat het anderzijds overduidelijk zichtbaar is dat de drie academies elk een eigen vorm hebben, een eigen traditie met eigen soorten studenten en oud-studenten.
Je kunt identiteit ook beschrijven als een continu gesprek tussen mensen. Mensen in een liefdesrelatie of in een dorp, in een gezin of op een school. Maar ook binnen jezelf ben je voortdurend met jezelf aan het praten. En op sommige momenten voelt dat harmonieuzer aan dan anders: ‘the catastrophe of my personality’ versus ‘perhaps I am myself again’. Zo’n beschrijving van identiteit als constant gesprek is dynamischer dan een opgelegde of toegeschreven identiteit en het geeft ook weer dat identiteit niet vanzelf bestaat, dat het energie en onderhoud kost. Dat geldt voor je eigen identiteit, die in de huidige web 2.0 omgeving zeer vele kansen tot versnippering heeft, maar het geldt ook voor alle netwerken waar je onderdeel van bent. En het geldt ook voor instituties die schijnbaar log zijn, maar in feite een net zo dynamische identiteit hebben.
Een dynamische identiteit, gebaseerd op een permanent gesprek, een conversatie, waarin alle afzonderlijke partners een eigen verantwoordelijkheid hebben.
Now I am quietly waiting
for the catastrophe of my personality
to seem beautiful again,
and interesting, and modern.















Leave a Comment